Wanneer er op een avond een vallende ster in het stille Puttekesveld valt, kiest zij Wopje om bij te wonen.
Niet omdat hij een leider is die vooraan loopt, en ook niet omdat hij nooit bang is, maar omdat Wopje naar de wereld kijkt met nieuwsgierige ogen, alsof hij alles telkens weer voor de eerste keer ontdekt.

Wopje vindt altijd wel een manier en hij geeft nooit op, hoe moeilijk iets soms ook lijkt.
Hij noemt het kleine sterretje Wonder, en vanaf die dag zijn ze altijd samen.

De stille kracht van Wopje is dat hij van heel gewone dagen kleine feestjes maakt.
Hij zit graag in zijn lievelingsstoel, heel stil, om nieuwe ideetjes uit te broeden. En wanneer het ideetje klaar is, gaat hij meteen zijn vriendjes zoeken om het samen te spelen.

Met zijn smallworld-figuurtjes bouwt Wopje de grootste avonturen.
Soms zijn het zeemeerminnen die dol zijn op pannenkoeken, en soms is het een dierentuin met een geheime gang die helemaal naar een pretpark leidt.

In Wopjes hoofd zijn duizend werelden te vinden.
En nu vraagt Wopje zich iets af:

Welke wereld bouw jij als eerste?